Zena Van den Block   °1995   (BE)

Hans Theys over het werk van Zena Van den Block

Voor sommige kunstenaars valt het beeld van de wereld uiteen in verschillende gestalten. Kijken ze rond zich, dan zien ze geen ononderbroken, filmisch beeld, maar een verzameling slecht aan elkaar gelaste brokstukken. Staan ze voor een apotheek die aan een bakkerij grenst, dan zien ze niet alleen twee verschillende neringen, maar ook een breuklijn: een positieve, gapende of uitpuilende, aanwezige ruimte, die zich tussen beide gebouwen schijnt op te houden. Overal zien ze kieren. Maakt zo’n kunstenaar een schilderij, zoals Manet of Vermeer, dan komen in dat schilderij verschillende beelden of texturen naast elkaar voor. Zijn ze beroemd, dan betekent dit dat ze ermee zijn weggekomen: dat ze erin zijn geslaagd een discontinuïteit of incongruentie vorm te geven zonder dat de toeschouwer daar aanstoot aan neemt, allicht omdat hij, zij of hen een nieuwe, eigenlijk niet bestaande samenhang over het beeld drapeert.

Voor deze kunstenaars lijkt het alsof de werkelijkheid ineengezet is door een prutser. En daarnaar verwijst ook de naam van de Prütscher-boekjes die Zena Van den Block (°1995) maakt, waarin ze foto’s publiceert van knullige ad hoc oplossingen in de openbare en private ruimte. Prutsers produceren spleten en uitstulpingen die het gangbare, gecodificeerde uitzicht van het decor waarin wij leven verstoren.

Van den Block is meticuleus. Oorspronkelijk fotografe, is ze iemand die heel behoedzaam, methodisch en nauwgezet tewerk gaat, tegelijk op een grappige manier hopend op kleine ontsporingen en foutjes bij de uitvoering. Ze heeft ook oog voor de sensuele rijkdom van het geringste verschil, bijvoorbeeld in zelfklevende folies die het uitzicht van fineer nabootsen. Of in het naast elkaar plaatsen van drie of vier verschillende soorten plastieken namaak-fineer.

We kijken naar haar werk alsof we een trap bestijgen. Op de eerste trede herkennen we het beeld van een bloem. Op de tweede trede zien we dat de bloem is samengesteld uit verschillende vlakken. Op de derde trede herkennen we de textuur van fineer. Op de vierde trede zien we dat het om namaak-fineer gaat. Op de vijfde trede zien we de minieme sporen van de verduldige huisvlijt die tot het werk heeft geleid. Op de zesde trede zien we kleine foutjes, vooral bij de naden waar de verschillende vlakken elkaar ontmoeten. Op de zevende trede, wanneer we denken boven gearriveerd te zijn, zien we stukjes nacht door de kieren priemen en beseffen we plotseling dat we zelf plat zijn en ons in een tekening van Escher bevinden: de hoogste trede blijkt de laagste te zijn, en de kelder waarin we ons ineens bevinden is heel laag en de gewelven zijn nat.

Heel grappig, dit werk. Heel genereus. Heel duister. Heel dansend. Heel omzichtig. Een eigen wereld.

Hans Theys, Montagne de Miel, 3 oktober 2021

 

HART verwelkomt in haar kantoren de reeks 'Parerga & Philomena': 9 solo’s samengebracht door Hans Theys.
De tentoonstellingen openen elke eerste woensdag van de maand, bij de verschijning van een nieuw HART-nummer.
De tentoonstelling van Zena Van den Block is de zesde in de reeks:

Van 7 oktober tot 27 oktober van dinsdag tot vrijdag van 14u tot 18u
HART, Kleine Markt 7–9, 2000 Antwerpen.